Mandala's Hannie de Jong

Teken je eigen levensboom

Over de cursus (download de folder)

De cursus "teken je eigen levensboom" bestaat uit 6 lessen van drie uur en wordt gegeven van 09.30 tot 12.30. Er zijn 5 groepen op verschillende ochtenden. De kosten zijn € 115,50.

Woensdag: 22 sep, 3 nov, 8 dec, 19 jan, 2 maart, 6 april (inschrijfformulier)
Donderdag A: 23 sep, 4 nov, 2 dec, 20 jan, 10 maart, 7 april (inschrijfformulier)
Donderdag B: 30 sep, 11 nov, 16 dec, 6 jan, 10 feb, 31 maart (inschrijfformulier)
Vrijdag: 1 oktober, 5 nov, 10 dec, 21 jan, 4 maart, 8 april (inschrijfformulier)
Zaterdag: 2 oktober, 6 nov, 11 dec, 29 jan, 12 maart, 16 april (inschrijfformulier)

Je eigen levensboom

De levensboom is een heel mooi symbool voor het leven zelf. Deze boom is geworteld in de aarde en reikt naar de hemel, net als de mens. De boom kent het jaarritme van de natuur, ieder jaar weer komt zijn levensritme van de vier jaargetijden terug. In het voorjaar ontstaat er weer leven in de vorm van een nieuw bladerdak. De zomer is de echte groei- en bloeiperode van de boom. De herfst is het seizoen waarin de boom vruchten draagt en er voor zorgt dat zijn soort blijft voortbestaan. In de winter lijkt de boom niet meer te leven, maar niets is minder waar, hij maakt zich dan klaar voor een volgende cyclus van leven.

Zo kun jij ook bomen tekenen van verschillende fases van je leven. Dat kun je doen met steeds dezelfde soort boom, maar je kunt natuurlijk ook steeds een ander soort boom gebruiken. Hierin mag je heel creatief zijn en het doen zoals jij het wilt en voelt. Het wordt immers jouw boom, jij verandert op jouw manier je eigen leven! Soms zelfs wordt je een heel ander mens. Dat mag je gerust laten zien in de tekening van je eigen levensboom.

De tekenstijlen

In deze cursus teken je je eigen levensboom. Je doet dit in spiraalvorm, in Art Nouveau-stijl, met Keltisch knoopwerk of in combinatie. Spiralen zijn een basisvorm in de natuur. De spiraal is al vanaf oeroude tijden het symbool van ontwikkeling en groei. Uit de spiraal is waarschijnlijk het labyrint ontstaan. Het labyrint werd vroeger gelopen en gezien als "het pad des levens".

Art Nouveau is de kunststijl uit de periode rond 1900, afhankelijk van de plaats in Europa wordt ook wel de naam Jugendstil gebruikt. Vaak worden in deze stijl asymmetrische vormen gebruikt. De belangrijkste inspiratiebron voor deze stijl is de natuur. Motieven zijn vaak gestileerde langstelige bloemen en planten, sierlijke dieren (o.a. zwanen en pauwen en libellen). Daarnaast wordt veel gebruik gemaakt van de eivorm, wolken-, water- en rotspartijen soms gecombineerd met slanke vrouwengestalten. De bewogen lijnen waren vooral een middel om emoties uit te drukken.

De stijlkenmerken kwamen vooral tot uiting in de grafische kunst, waar de lijn het belangrijkste element is. Heel bekend zijn Alfons Mucha in Frankrijk en Jan Toorop in Nederland als de "affichemakers". De architect Victor Horta is vooral in België bekend om zijn gebouwen in Art Nouveau-stijl. Hij ontwikkelde de stijl van de gebogen lijnen, (de zweepslagmotieven). De gebruikte natuurlijke vormen zien we ook in de decoratieve vormen van bijvoorbeeld trapleuningen, balkons en gevels.

De levensboom historisch, religieus en cultureel

De levensboom of boom des levens wordt in het Bijbelboek Genesis genoemd als de boom die samen met de boom van de kennis van goed en kwaad door God werd geplant in de Hof van Eden.

In veel religies en culturen vinden we de levensboom in één of andere vorm terug. De Bodhi-boom, waar de Boeddha onder zat toen hij de verlichting vond, in India. Zowel in Afrika als in het Midden-Oosten was de moedergodin vaak verbonden met een groene boom. Deze vertegenwoordigde daarmee vruchtbaarheid en levenskracht. De Noordse mythologie kent de Yggdrasill als de levensboom en kennisboom. Hij reikt van de onderwereld dwars door de mensenwereld naar de wereld van goden en helden. De Germanen kenden de heilige eik als centrum van hun godenverering. In de Keltische mythologie verbindt de boom water, lucht en aarde. Zijn takken reiken naar de goden en zijn wortels naar de onderwereld. Bomen hadden een bezieling en bezaten daardoor unieke eigenschappen, vergelijkbaar met die van de mens.

De mens leefde in vroeger tijden volledig op de ademhaling van de natuur, vooral het ritme van dag en nacht en die van de seizoenen waren belangrijk. Oude volksfeesten doen ons hier nog aan herinneren. Mensen hebben nog steeds oeroude angsten van het onheilspellende, kwade om hen heen. Het diepe gevoel om zich tegen onheil te beschermen bestaat nog steeds, het was en is te zien aan het gebruik van afweertekens. Gestileerd vinden we in Nederland zo'n afweerteken terug in de vorm van een levensboom. Dit gietijzeren ornament treffen we aan in bovenlichten van voordeuren van oude huizen. Het was tevens een symbool van vruchtbaarheid en levenskracht.